Wildhoef – Living the Coach House Life

Al eeuwen ontvlucht de Amsterdamse en Haarlemse bovenlaag de drukke steden om verkwikking te vinden in het landelijke Bloemendaal. In de glooiende landschappen werden buitenplaatsen gesticht, waarvan het achttiende-eeuwse Wildhoef er één is. In 1788 werd het huis voor de textielhandelaar en -fabrikant Willem Philips Kops verbouwd door de Amsterdamse stadsarchitect Abraham van der Hart, die voor Kops ook de prachtige kamer in zijn Haarlemse huis aan de Nieuwe Gracht ontwierp, voorzien van zijden stofferingen uit Lyon. Deze kamer, die nu in het Rijksmuseum is opgesteld, is als Gesamtkunstwerk ontworpen en staat internationaal hoog aangeschreven. Deze door Kops nastreefde topkwaliteit, werd ook doorgezet in de landschapstuin van Wildhoef, die vanaf 1793 door de toen bekende Duitse tuinarchitect Johan Georg Michael werd aangelegd. Slingerpaden, vijvers en boomgroeperingen geven het park een natuurlijk uiterlijk, waarin schilderachtige plekken afgewisseld werden met sublieme doorzichten.

In dat landschapspark kreeg het monumentale koetshuis uit 1841 een plaats. Het was ontworpen door een andere toparchitect, Johan David Zocher jr., de kleinzoon van de tuinarchitect van het park. De opdrachtgever was kleindochter Cornelia Willink, die met haar man Jan Pieter Wickevoort Crommelin een grote staat voerde. Koetshuizen zijn bij uitstek een uiting van rijkdom. Zoals in veel gevallen, en ook hier, is het een combinatie van paardenstallen en een koetshuis waarin de rijtuigen werden gestald. De stallen boden plaats aan twaalf (!) paarden.

Het koetshuis aan de linkerzijde van het pand herbergde de rijtuigen van de buitenplaats. Achter de monumentale kastanje is de huidige voorgevel zichtbaar met de twee enorme deurpartijen, voorzien van de meest prachtige scharnieren. Deze 4½ meter hoge deuren gaven toegang tot de ruimte waarin de kostbare rijtuigen gestald en gedraaid konden worden. Om het manoeuvreren van deze rijtuigen te vereenvoudigen, werd één grote ruimte gemaakt achter de deuren. Op de plek waar nu een scheidingsmuur staat, stond dus vroeger niets. Om deze openheid mogelijk te maken werd een fantastische constructie op zolder gemaakt in de vorm van een vakwerkligger. Deze vakwerkligger bestaat uit prachtige grenenhouten balken met diagonalen die de onderste balk stijf houden, waardoor de constructie stabiel is en de overspannende balken niet door gaan hangen. Een beetje vergelijkbaar met een brugconstructie. Aan de vakwerkligger is de balklaag van de zolder verbonden, waarop de kap staat. De kap bestaat uit ronde spanten, zogenaamde Philibert-spanten, gemaakt van korte houten planken die in drie lagen aan elkaar genageld zijn. Dit type kap was in de zestiende eeuw uitgevonden door de architect Philibert de l‘Orme (vandaar de naam) en werd – na een slapend bestaan in de tussenliggende eeuwen – in de negentiende eeuw zeer vaak gebruikt. Het voordeel van deze spanten is de grote stahoogte die op zolder kon worden bereikt. Later is het dak voorzien van een middenplat, waardoor het pand nu een dakterras heeft.

Bij recente verbouwingen is het pand bewoonbaar gemaakt en voorzien van een royaal trappenhuis met lift en een onderverdeling in kamers. De grote hoogte van de ruimte is nog altijd aanwezig, waardoor een on-Hollands effect wordt bereikt. De lichtinval werd in 1988 verbeterd door het maken van grote boogvensters in de zijgevels zoals die ook aan de voorgevel zichtbaar zijn.

Het huidige pand bestaat uit een begane grond met een tussenverdieping en een zolder. De ingang geeft toegang tot de royale hal met trappen in de linker beuk. De living is direct vanuit de hal bereikbaar en wordt gekenmerkt door de grote hoogte en het licht dat binnenstroomt door de opening van de grote koetshuisdeur, die met glas is gevuld. Doorgangen in de recent geplaatste middenmuur geven toegang tot de eetkamer in de rechter beuk, waar de andere koetshuisdeur licht doorlaat. Deze kamer met open haard is voorzien van een tussenverdieping die geschikt is voor een pooltafel of kantoor en de toegang tot de keuken, die ook vanuit de centrale hal bereikbaar is. Op zolder is links de master-bedroom met badkamer gecreëerd, terwijl een interne trap toegang geeft tot het dakterras met uitzicht over Bloemendaal. In de rechterbeuk zijn diverse slaapkamers met badkamer aanwezig.

Al met al is de grootsheid van het oorspronkelijke koetshuis goed bewaard gebleven. Een toppand van een toparchitect uit 1841.

Texst: Dr. Pieter Vlaardingerbroek

Bron:

Willem de Clercq, Naar zijn dagboek 1811-1824, Haarlem 1869, p. 358 (Het geboomte van Wildhoef is voortreffelijk)

  1. Craandijk, Wandelingen door Nederland met pen en potlood, Haarlem 1878, dl. 3, p.27 (De heerlijkheid van Hollands duin)

Hildebrand (Nicolaas Beets), Camera Obscura, 1839

Saskia van Ginkel-Meester e.a., Monumenten in Nederland. Noord-Holland, Zwolle 2006

Constance D.H. Moes, Architectuur als sieraad van de natuur. De architectuurtekeningen uit het archief van J.D. Zocher jr. (1791-1870) en L.P. Zocher (1820-1915), Rotterdam 1991

 

PDF Brochure of Property

If you would like a PDF sent to your inbox, please CLICK HERE.

Kenmerken

Overdracht
Vraagprijs
€ 1.350.000,–
Status
Verkocht onder voorbehoud
Bouw

Soort Woonhuis

Woonhuis
Soort bouw
Existing build
Bouwjaar
1841
Specifiek
Normal
Soort dak Composite roof
Oppervlakten en inhoud
Wonen
364 m²
Gebouwgebonded
buitenruimte 450 m²
Aantal kamers
5
Aantal badkamers
2
Aantal woonlagen 2 Verdieping
Begane Grond & eerste
Kadastral Data
BLOEMENDAAL  2061 JK
Kadastral kaart
Eigendomssituatie
Eigengrond
Buitenruimte
Ligging
Oost. Aan rustige weg in centrum
Size 1040m²
Parkeergelegenheid
Soort parkeergelegenheid
eigenterrain

Locatie


If you would like to receive more information about this property or schedule a viewing, please contact:

Anne Paul Brinkman
Brinkman Fine Real Estate
Herengracht 91
1015 BD Amsterdam
The Netherlands

+31 (0) 20 244 19 62

info@brinkmanfinerealestate.com