Singel – Plafond de Paradis

Plafond de Paradis

Staande voor de voorgevel van Singel 283 verschilt deze gracht op het eerste gezicht niet veel van de andere grachten in dit deel van de Grachtengordel. Maar deze zijde van de Singel is veel ouder dan de Heren-, Keizers- en Prinsengracht en behoort nog tot de middeleeuwse stad. Dit deel van de stad kreeg in 1585 de eerste grote uitbreiding waarbij de Singel transformeerde van vestinggracht in woongracht en er de eerste grote dubbele grachtenpanden verschenen. In de volgende stadsuitbreidingen in de zeventiende eeuw aan de Herengracht, Keizersgracht en Prinsengracht werden rechte bouwblokken toegepast maar de bouwblokken aan de Singel volgden nog het middeleeuwse verkavelingspatroon met de meer landschappelijke structuur van het slotenpatroon. Dat is tot op de dag van vandaag herkenbaar in het interieur, waar de ruimtes aan de voorgevel niet rechthoekig zijn maar een scherpe hoek vertonen. De gevels zijn in de loop der tijd aangepast aan de mode en zijn vergelijkbaar met de gevels aan de andere grachten, maar het verkavelingspatroon verschilt. Karakteristiek aan de gevelindeling zijn de hoge ramen op de beletage voor veel daglicht op deze verdieping waar gewoond werd. De ramen op de verdiepingen zijn kleiner, net als de verdiepingshoogten. Op de hoogste verdiepingen waar nu in het midden openslaande deuren zijn, waren vroeger hijsluiken voor de pakhuisfunctie voor deze verdiepingen. Daarvoor was de hijsbalk in de top van de lijst onmisbaar.

Toen het huis het nog aanwezige decoratieschema kreeg woonde hier Jan Pranger met zjin tweede vrouw Machteld Muilman. Er is een prachtig schilderij van Jan Pranger gemaakt, dat hangt in het Rijksmuseum, staande in de achthoekige toren van kasteel St. George d’Elmina in Ghana met door het raam uitzicht op fort St Jago. Hij keerde in 1736 als een rijk man terug uit West-Afrika na een verblijf van 10 jaar in dienst van de VOC in kasteel Elmina in Ghana. Dit is te zien in de rijke uitstraling van met name de beletage. De gang is nog compleet in de uitbundige uitmonstering volgens de mode van de tijd rond 1740 in Lodewijk XIV stijl. Deze monumentale, op ruimtelijke effect en symmetrie gerichte stijl kenmerkt zich door voluten, palmetten, vazen, loofwerk en basreliefs boven de deuren. De voorgeschreven symmetrie leidde tot tegenoverelkaar staande deuren in de gang waardoor het pand veel breder lijkt als je er ruimtes achter denkt. Want maar aan één kant van de gang geeft de deur toegang tot een ruimte; de andere deur is of een schijndeur (alleen ter completering van de symmetrie) of een ondiepe kast. Bijzonder in de gang zijn ook de twee tegenover elkaar liggende nissen die que vorm doen denken aan een klok. Wellicht een idee voor de nieuwe eigenaar om daar een klok in te plaatsen. Iedere bewoner drukt immers zijn eigen stempel op het pand en voegt iets toe aan de bouwgeschiedenis van een monument. Zie bijvoorbeeld ook het wapenschild boven de deur naar de kamer in het achterhuis; van welke familie zou dit wapen zijn? Al met al maken het rijk gedecoreerde plafond, de symmetrisch ingedeelde wanden, het witte marmer in combinatie met het stucwerk en de hoogte van de gang dit tot een zeer aangename entree tot de woning.

Ook binnen in het appartement geeft de prettige combinatie van de oorspronkelijke indeling in voor- en achterkamer, binnenplaats en achterhuis, de afmetingen van de ruimtes, originele elementen als deuren, lambriseringen en schouw een prettige en rustige sfeer. Bijzondere details als de zorgvuldige manier waarop de lambrisering doorloopt als de deur van de voorkamer gesloten is en het iets naar voren geplaatste deel van de lambrisering tegenover de schouw (in precies dezelfde maat) maken dit appartement bijzonder, vooral omdat het allemaal nog aanwezig is. Dat de voorkamer de belangrijkste ontvangkamer was blijkt ook uit de porte brisée (of ensuite deuren) tussen voor- en achterkamer. In de voorkamer ogen ze heel rijk gedecoreerd terwijl de deuren aan de kant van de achterkamer mooi geprofileerd zijn maar wel veel eenvoudiger dan aan de voorzijde. Ook de plafonds in voor- en achterkamer hebben eenzelfde onderscheid. Daarmee wordt subtiel de hierarchie in het pand aangegeven. Ook in de nieuwe situatie blijft deze hierarchie gehandhaafd; in het stille, rustige achterhuis komt de slaapkamer, verbonden met de badkamer in het sousterrain, de keuken in de achterkamer met het mooie licht vanuit de binnenplaats en het woongedeelte in de voorkamer met het onverbeterlijke uitzicht op de gracht. In de winter zittend bij een haardvuur in de prachtig ingetogen marmeren schouw en in de zomer op het bankje van de stoep.

De karakteristieke indeling van een Amsterdams grachtenhuis is herkenbaar in de plaatsing van de ruimtes rond de binnenplaats, die alle omliggende ruimtes van licht voorziet en ook zorgt voor een goed verlicht trappenhuis. De roederamen en orientatie op het zuiden geven het prachtige licht gedurende de hele dag.

Alle onderdelen zijn natuurlijk in de loop der eeuwen verschillende malen overgeschilderd maar nog steeds is het vakmanschap en de liefde en aandacht waarmee het gemaakt is goed herkenbaar in de kleine imperfecties door het vele gebruik en de tand des tijds. We noemen dat patina en de rijke geschiedenis van het pand wordt hiermee herkenbaar en tastbaar. Bedenk eens hoeveel mensen de dubbele deuren al hebben geopend en partijen hebben gehouden. Misschien ook wel de tweede vrouw van Jan Pranger zoals op het schilderij te zien is. De decoratie boven de deur op het schilderij doet denken aan de decoratie op de deuren in de gang. Misschien is het schilderij wel in Singel 283 gemaakt, we weten het niet zeker maar het moet er in ieder geval ongeveer zo hebben uitgezien.

Let bij het verlaten van het pand nog even op het verfijnde achttiende eeuwse voegwerk in de voorgevel met dunnen lintvoegen en nagenoeg ontbrekende stootvoegen. Mooier wordt het niet!

Texst: Nanette de Jong, Restauratie Architect

Fotograaf: Marie-José van den Ende and -visuals-

 

Bronnen:

Jaap Evert Abrahamse, De grote uitleg van Amsterdam, stadsontwikkeling in de zeventiende eeuw, 2010, p.12

Bulletin KNOB 1961, Herinneringen aan de voormalige Nederlandse bezittingen op de Goudkust in het Rijksmuseum, R. VAN LUTTERVELT, p 249-259

Haslinghuis – Janse, Bouwkundige termen, verklarend woordenboek van de westerse achitectuur- en bouwhistorie, 1997, p 360, 411

Rijksmonumentenregister, monumentnummer 5206, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

 

 

PDF Brochure of Property

If you would like a PDF sent to your inbox, please CLICK HERE.

Details

Vraag Prijs
NA
Status
SOLD

 

Type of Property

Apartment
Building Type
Existing build
Year of Build
1730
Specifics
Normal
RoofComposite roof
Surfaces and Volume
Available Living Space
113 m²
Court Yard12m²
Number of Rooms
3
Number of Bathrooms
1
Total number of floors1 Floor
VvE
€212,20/month
Kadastral Data
AMSTERDAM F 7186 A2
Kadastral card
Owner situation
Owned Ground
Building statusMonument
#5206
Outside
Position
Zuid. Grachten gordel, Amsterdam
Parking
Parking situation
Public parking, permit parking and paid parking

Location


 

If you would like to receive more information about this property or schedule a viewing, please contact:

Anne Paul Brinkman
Brinkman Fine Real Estate
Herengracht 91
1015 BD Amsterdam
The Netherlands

+31 (0) 20 244 19 62

info@brinkmanfinerealestate.com